Pagina's

woensdag 25 januari 2017

Gedichtendag 2017

Gedichtendag

Op een donderdag in januari
Dan is het weer zover: Gedichtendag!
De dag dat elke vogel hopen mag
Dat hij gehoord wordt als een kanarie.

uit: Dit is de regel, p. 30, Uitgeverij Holland, 2006
© Nanne Nauta

Gedichtendag is de start van de poëzieweek.

Waar vindt u uw dichter? Kijk daarvoor op http://www.poezieweek.com/activiteiten/

Mij vindt u:

Op donderdag 26 januari: Stadhuis Utrecht, 16:00 -17:00 uur.


donderdag 29 december 2016

Bij het afbrokkelen van de Domtoren

Utrecht, december 2016

De Domtoren is er slechter toe dan gedacht. Er zijn netten geplaatst tegen vallende stenen. In het onderstaande gedicht (dat ik schreef als stadsdichter) wordt dit bericht gecombineerd met de hoogbouwvisie van de gemeente Utrecht.
Bij het afbrokkelen van een toren
De trots van Utrecht is honderdtwaalf meter lang,
een rots, steen voor steen gebouwd in de Middeleeuwen,
die ons vaak vanuit de hoogte staat toe te schreeuwen:
‘Mijn grootsheid houdt uw ontwikkeling in bedwang,
want ooit is er door hogerhand over besloten
dat geen gebouw mij in lengte voorbij zal stoten.’
Hoogmoed komt voor de val, zeker in Nederland,
nu de stenen kantelen kantelen tot wegen
en onze stad verpulverd wordt tot platteland.
© Nanne Nauta

zondag 27 november 2016

De fluit en de wilg

Op 26 november 2011 had de titel van dit stukje kunnen zijn: scheidsrechter blaast laatste adem uit in fluit. Op die dag zeeg ik ineen op het voetbalveld met een hartstilstand. Ik had keurig twee seconden ervoor de wedstrijd stilgelegd omdat ik me niet lekker voelde worden. Het voetbalveld is een goede plek om een hartstilstand te krijgen. Er zijn altijd wel mensen die je kunnen reanimeren en 112 bellen. Ik werd, kortom, gereanimeerd en overgebracht naar het ziekenhuis. Voor mijn omgeving bleef het nog even spannend, ik werd pas na ruim drie dagen wakker uit een coma. Ondertussen was vastgesteld dat de kransslagaders volledig verstopt waren. Een bypass-operatie volgde. Drie maanden later stond ik weer een voetbalwedstrijd te fluiten.

Vijf jaren verder, waarvan twee schrikkel, viel 26 november exact op ‘dezelfde’ zaterdag. Dit feit, deze dag, had ik al anderhalf jaar in het vizier. Ik had met mezelf de afspraak gemaakt dat ik in ieder geval tot en met deze dag zou blijven fluiten.
Ook deze dag floot ik dus een wedstrijd en wel mijn laatste wedstrijd, weet ik nu, als clubscheidsrechter voor Sporting ’70. En daar wil ik nog wel iets over kwijt. Omdat het feit dat ik stop me aan het hart gaat.

Het gaat me dan om het fenomeen clubscheidsrechter. In die rol fluit je als vrijwilliger wedstrijden waarvoor de KNVB geen scheidsrechter beschikbaar stelt of kan stellen. Je bent daarmee per definitie een thuisfluiter. En daar ontstaat iets merkwaardigs. Als je als clubscheids namelijk partijdig fluit, dan krijg je ruzie met de tegenstanders en loopt met een zekere regelmaat een wedstrijd uit de hand. We lezen het bijna wekelijks in de krant. Als je je best doet, zoals ik dat altijd geprobeerd heb, om onpartijdig te fluiten, wat op zich de bedoeling is, dan krijg je merkwaardig genoeg te maken met het feit dat een deel van de thuisclub zich tegen je gaat keren. Ik geef toe, het is niet het beste deel van de club dat zich tegen je keert. Met het bestuur van Sporting, het wedstrijdsecretariaat, de andere scheidsrechters en ook met de meeste coaches, teambegeleiders en spelers (v/m) ontstaat er geen probleem. Maar er is ook een deel dat je verkettert. Die je verwijten dat je niet partijdig fluit. Het zijn de ouders langs de kant die je verrot schelden (die ouders die zelf nooit vlaggen of fluiten). Het zijn de spelers/speelsters die je voor alles en nog wat uitmaken, en het probleem er mee is dat het iets is dat zich opbouwt en aan je gaat vreten. Niet de eerste keer, niet het eerste jaar, niet het tweede jaar maar er komt een moment dat het cumulatief zo ver is gekomen dat je breekt. Verstandige mensen stoppen (lang) voordat dat moment aanbreekt. Domme mensen zoals ik blijven fluiten tot ze er bij neer vallen.

Eind vorig seizoen had ik al het gevoel dat het genoeg geweest was. Maar ja, het genoemde lustrum lonkte en ik dacht, misschien valt het wel mee. Dat viel het dus niet. Ondanks het feit dat ik dit seizoen alle wedstrijden goed heb gefloten, ging het twee weken geleden dus helemaal fout. Niet mijn fluiten op zich. Ik floot een goede wedstrijd. Onpartijdig. Het was ook nog een categorie A wedstrijd. Voor de niet-kenners: dat zijn wedstrijden waarvoor normaal een KNVB-scheids wordt aangesteld. Maar net als veel clubs kampen zij met een tekort. De wedstrijd was spannend, het stond 2-2, en zo’n 5 minuten voor tijd gaf ik een strafschop aan de tegenstanders van Sporting. Gewoon een 100% overtreding in het strafschopgebied, dus wat kan je gebeuren. De penalty werd benut en daarna brak de hel los. De dames (het was een vrouwen-wedstrijd) waren boos, vonden dat ik geen respect verdiende en na het eindsignaal gaven zowel de coach als ook de teambegeleider mij te kennen mij nooit meer te willen hebben als scheidsrechter. Misschien nog wel naarder was dat na de wedstrijd, ik blijf na afloop altijd wel even hangen om naar een andere wedstrijd kijken, geen enkele speelster met mij wilde praten of zelfs maar oogcontact wilde hebben. Ik werd kortom doodgezwegen en doodgekeken. Niet gewenst zijn is altijd al naar, maar als je al eens dood geweest bent nog net iets meer. Dat heb ik al eens proberen te verwoorden.

Ik heb de rest van dat weekend geen goed weekend gehad. Ik heb een groot deel op de bank huilbuiend doorgebracht. Dat kan natuurlijk niet de bedoeling zijn, je vrije tijd geven voor mensen die je niet willen zien en daar zo veel narigheid van hebben. Ik stop dus met fluiten bij Sporting. Wellicht een paar maanden te laat. Ik vind het vervelend voor de mensen van het bestuur en de anderen die goed bezig zijn. Het is een probleem waar misschien alle clubs en de KNVB mee worstelen. Alle clubscheidsen, denk ik,  lopen uiteindelijk tegen dit dilemma aan: verketterd worden door de thuisclub of mishandeld door de tegenstander. In ieder geval:

je stopt.

woensdag 7 september 2016

Bokalen 5-3

Ik werk aan een nieuwe bundel die ik achterstevoren schrijf. De bundel heeft als titel Bokalen.


5-3

heb zogenaamd een herdenkingssteen gevonden van de 100ste Ronde van Vlaanderen.
maak de vissoep af door de bouillon over de kop van een zeewolf te schenken.
hoor een kennis beweren dat hij handen heeft geschud met een blauwborst.
krijg op de hotelkamer geen toegang tot intimiteit bij een vriendin.
kijk naar een nieuw spectaculair balspel in de gymzaal.
plaats een mooie steen in het frame van de motor.
nuttig een biermaaltijd en drink daar een tonic bij.


woensdag 3 augustus 2016

Bokalen 5-4

Ik werk aan een nieuwe bundel die ik achterstevoren schrijf. De bundel heeft als titel Bokalen.

5-4

vertrouw de welzijnswerker niet die zich over het jonge meisje bekommert.
ontvang gratis kaartjes voor een literair evenement in Parijs.
laat een giftig slangetje uit mijn handen ontsnappen.
ben mijn jas kwijt op het jubileumfeest.
vertel een collega over mijn ziekte.
koop een bundel van een collega.
vind een lijk in de kelderbox.

dinsdag 26 juli 2016

Bokalen 5-5

Ik werk aan een nieuwe bundel die ik achterstevoren schrijf. De bundel heeft als titel Bokalen.


5-5

rij vanaf het vakantieadres terug in een 2CV met het stuur aan de rechterkant.
wacht bij het CBR tot ze alle drie hun rijbewijs hebben gehaald.
betrap mijn vriendin in bed met een ander en loop huilend weg.
rij met een voor een bruiloft afgehuurde tram door Parijs.
eet de laatste zelfgemaakte maaltijd met tomatensaus.
fotografeer een molen die verlicht wordt.
drink een beker melk op IJsland.

woensdag 20 juli 2016

Bokalen 5-6


Ik werk aan een nieuwe bundel die ik achterstevoren schrijf. De bundel heeft als titel Bokalen.

5-6

kom op mijn oude middelbare school een speelster tegen die ik wel eens fluit.
loop door een weiland om samen met collega’s riet te gaan snijden.
neem uitgebreid kennis van de stadspromotie van Leuven.
ga het casino in om mijn loten te verzilveren.
drink een biertje met een bevriend dichter.
zit met een Canadese hond op de bank.
badminton met een oude vriend.